Dinamo H0–digitaal rijden met iTrain


Voor het digitaal en automatisch besturen van mijn modeltreinen maak ik gebruik van Dinamo H0 in combinatie met iTrain. Hiermee kunnen meerdere locomotieven onafhankelijk van elkaar over de modelbaan rijden, terwijl de computer voortdurend bijhoudt waar iedere trein zich bevindt.
Het grote voordeel hiervan is dat de modelbaan niet alleen digitaal wordt bestuurd, maar dat ook routes, blokken, wissels, seinen en andere onderdelen met elkaar kunnen samenwerken. Hierdoor ontstaat een modelspoorbaan waarop het treinverkeer zoveel mogelijk lijkt op het echte spoor.
De locomotieven
Het belangrijkste onderdeel blijft natuurlijk de trein zelf. De locomotieven kunnen digitaal worden aangestuurd, waardoor onder andere de snelheid, rijrichting en beschikbare functies afzonderlijk kunnen worden geregeld.
Iedere locomotief wordt in iTrain opgenomen. Daar kunnen eigenschappen zoals de lengte, snelheid en andere gegevens worden vastgelegd. Door de locomotieven goed in te regelen kan iTrain ze nauwkeurig laten optrekken, rijden, afremmen en stoppen.
De modelbaan wordt verdeeld in blokken
Om automatisch te kunnen rijden, wordt de spoorbaan opgedeeld in verschillende blokken en secties. Hierdoor kan het systeem bepalen waar een trein zich bevindt.
Een trein kan bijvoorbeeld van het station naar blok 2 rijden, vervolgens via blok 3 naar een ander station gaan en daar automatisch stoppen. Ondertussen kan een andere trein over een andere route rijden.
Deze blokindeling is een belangrijk onderdeel van een betrouwbare automatische modelbaan.
TM44 – rijden en terugmelden
Binnen een Dinamo-systeem speelt de TM44 een belangrijke rol. Deze modules verzorgen de aansturing van de aangesloten spoorsecties en leveren informatie waarmee kan worden vastgesteld welke gedeelten van de baan bezet zijn.
Wanneer een locomotief een bepaalde sectie binnenrijdt, kan het systeem dit detecteren. Deze informatie wordt vervolgens doorgegeven aan de besturing en uiteindelijk aan iTrain.
Zo weet iTrain waar de treinen zich bevinden en kan het programma bepalen of een volgende route veilig kan worden vrijgegeven.
Wissels, seinen en accessoires
Een automatische modelbaan bestaat natuurlijk uit meer dan alleen locomotieven en rails. Ook wissels, seinen, overwegen, verlichting en andere accessoires kunnen worden aangestuurd.
Hiervoor kunnen binnen het Dinamo-systeem onder andere OC32/NG-modules worden gebruikt.
Daarmee kunnen bijvoorbeeld wissels automatisch worden omgezet wanneer een trein een route krijgt. Ook kunnen seinen automatisch van rood naar groen gaan en weer op rood worden gezet nadat de trein is gepasseerd.
Op die manier werken de verschillende onderdelen van de modelbaan samen.
De centrale verbinding
De verschillende Dinamo-modules moeten met elkaar en met de computer communiceren. Hiervoor wordt binnen de Dinamo-installatie een centrale/interface gebruikt die de verbinding vormt tussen de computer en de elektronica onder de modelbaan.
De computer geeft opdrachten door aan het Dinamo-systeem en ontvangt tegelijkertijd informatie van de baan terug.
Hierdoor ontstaat communicatie in twee richtingen:
Computer → Dinamo → modelbaan
en
Modelbaan → terugmelding → Dinamo → computer
Dit is essentieel voor betrouwbaar automatisch treinverkeer.
iTrain – het bedieningscentrum
Op de computer gebruik ik iTrain als besturingsprogramma. In iTrain wordt de modelbaan digitaal nagemaakt.
Daarin worden onder andere de blokken, wissels, seinen, stations, locomotieven en routes vastgelegd. Tijdens het rijden kan ik op het beeldscherm volgen waar de verschillende treinen zich bevinden.
iTrain kan vervolgens een groot gedeelte van het treinverkeer automatisch regelen.
Een trein kan bijvoorbeeld vanuit een station vertrekken, verschillende blokken doorlopen, wissels laten omzetten, voor een bezet blok wachten en uiteindelijk weer netjes in een station stoppen.
Voeding en bekabeling
Voor een betrouwbare werking zijn ook een goede voeding en nette bekabeling belangrijk. De verschillende Dinamo-componenten, spoorsecties, terugmeldingen, wissels en accessoires moeten correct met elkaar worden verbonden.
Bij een grotere modelbaan kan de hoeveelheid bedrading behoorlijk oplopen. Daarom probeer ik de installatie overzichtelijk op te bouwen en de aansluitingen duidelijk te documenteren.
Dat maakt niet alleen de aanleg gemakkelijker, maar helpt ook enorm wanneer later een storing moet worden gezocht of de modelbaan wordt uitgebreid.
Van computer tot locomotief
Heel eenvoudig weergegeven werkt mijn treinbesturing als volgt:
iTrain op de computer → Dinamo-besturing → TM44 en andere modules → blokken en spoorsecties → locomotieven
Daarnaast:
iTrain → Dinamo/OC32 → wissels, seinen, verlichting en accessoires
en via de terugmelding:
Spoorsectie → TM44/Dinamo → iTrain
Daardoor weet de computer niet alleen wat een trein moet doen, maar krijgt hij ook informatie terug over wat er daadwerkelijk op de modelbaan gebeurt.
Treinen en auto’s samen
Voor mij wordt het extra interessant doordat ik mijn Dinamo H0-treinbesturing kan combineren met MCC-iCars.
Hierdoor kunnen treinen en auto’s onderdeel worden van één levende miniatuurwereld. Een mooi voorbeeld is een spoorwegovergang. Wanneer een trein nadert, kunnen de auto’s worden gestopt, de overweg worden geactiveerd en kan de trein passeren. Daarna wordt de weg weer vrijgegeven en vervolgen de auto’s hun route.
Juist die combinatie van modeltreinen, digitaal bestuurde auto’s, elektronica, software, verlichting en scenery maakt mijn modelbaan voor mij zo interessant.
Dinamo & iTrain – de basis voor een levende modelspoorbaan.
Modelspoor & MCC-Cars – treinen en auto’s in perfecte harmonie.